Nebukadnezars Fluiten
Daniel 3:4-6 En
een heraut riep met kracht: Men zegt u aan, gij
volken, gij natiën, en tongen!
5 Ten tijde als gij
horen zult het geluid des hoorns, der pijp, der citer, der vedel, der psalteren, des akkoordgezangs, en
allerlei soorten van muziek, zo zult gijlieden nedervallen,
en aanbidden het gouden beeld, hetwelk de koning Nebukadnezar
heeft opgericht;
6 En
wie niet nedervalt en aanbidt, die zal te dierzelfder ure in het midden van den oven des brandenden vuurs geworpen worden.
Verscheidene jaren geleden vroeg een
Christelijke vriend me: WAT IS MUZIEK? De vraag hield me een aantal maanden
bezig, tot ik op een dag een Rock Concert op televisie zag. Daar waren
duizenden mensen, die allemaal in opwinding op hun stoelen stonden. De voorkant
van de zaal was volgepakt met mensen die elkaar naar voren duwden om het podium
te bereiken en al deze mensen hadden tenminste één arm
volledig naar voren of naar boven gericht, alsof ze zich konden uitstrekken en
hun idolen aanraken. Ik realiseerde me plotseling en was er volledig van
overtuigd dat MUZIEK AANBIDDING IS.
DENK ER EENS OVER NA: Mensen zingen
over wat ze eer willen geven. Ze zingen het Volkslied om hun land te eren. Ze
zingen over het soort mensen, waarvan zij vinden dat
die bewonderd moeten worden. Ze zingen meer over romantische liefde dan over
welk onderwerp ook, zich voorstellende dat de ultieme vervulling op hen wacht
in een of andere ideale man of vrouw, die zij hebben bedacht als het voorwerp
van hun lust. Ze aanbidden deze “denkbeeldige minnaars” in
een lied en schrijven hen daarbij kwaliteiten en volmaaktheden toe, die niet in
enige gevallen mens gevonden zijn. Ze bezingen zelfs prijzend de
schaamteloze ambitie en uitgesproken immoraliteit om hun eigen zonden op te
hemelen en te eren. Het doel van alle muziek is te prijzen, eren of vereren
waar de muziek dan ook over gaat. Poëzie is hetzelfde. Een gedicht over bomen
schijnt van een boom “meer dan een boom” te maken. Een lied of gedicht over
lijden of verdriet geeft het kreunen en huilen van de mensheid meer belang dan
het janken van een gewond beest. Religieuze muziek is een vorm van aanbidding.
Elke religie heeft zijn eigen “hymnen”. Als mensen deze liederen zingen
aanbidden en eren zij hun goden. Elke religie heeft ook zijn eigen poëzie en slogans die bedoeld zijn om de god van die religie te
typeren en te eren. De Moslims zeggen “GOD IS GROOT” bij iedere gelegenheid om
hun verbondenheid met hun religie te laten zien. Christenen kunnen
“PRIJS DE HEER” zeggen om dezelfde reden. Hoewel Christenen best “GOD IS GROOT”
kunnen geloven, beantwoorden ze de Islamitische slogan
niet door die te herhalen, omdat hun “goden” verschillend zijn. Wanneer de
Moslim je in de ogen kijkt en verklaart “GOD IS GROOT”,
dan beproeft hij je en uit je antwoord weet hij of je wel of niet zijn god eert
en zijn religie respecteert. Als je hem niet antwoord met dezelfde “slogan”, WEET hij dat jij niet gelooft in zijn god of zijn
religie beoefent.
Christenen doen vaak hetzelfde bij
elkaar. Ze uiten een “slogan”, die hun religieuze
overtuigingen aangeeft en wachten om te zien wat de andere persoon zal doen of
zeggen. Als die andere persoon niet met hen “mee zingt”, veronderstellen zij
dat er een verschil is in religieuze overtuigingen. Katholieken verwachten dat
alle andere goede Katholieken
klaar staan om prompt “Heil Maria” te zeggen om te bewijzen dat
ze goede Christenen zijn. Protestanten verwachten van andere Protestanten dat
ze prompt “Prijs de Heer” zeggen om te bewijzen dat ze goede Christenen zijn.
De Moslim verwacht dat je prompt zegt “God is groot”
om te bewijzen dat je een goede Moslim bent. Deze “slogans”
zijn gewoon korte gedichten of aanbiddingsliederen.
Als je niet “mee zingt” ben je het duidelijk niet eens met de Religie die
vertegenwoordigd wordt door die “slogan”. Deze “slogans” zijn WACHTWOORDEN, die als ze PROMPT uitgesproken
worden aangeven dat je “een goed lid” bent van de groep die geïdentificeerd
wordt door die speciale “slogan”. In Nazi Duitsland moest je prompt “HEIL
HITLER” zeggen of je had GROTE PROBLEMEN.
Dit is een probleem voor Christenen
omdat er zo vele “versies” van het Christendom zijn.
Als iemand je in de ogen kijkt en zegt “PRIJS DE HEER”
dan is hij uit op een “PRIJS DE HEER” met hem. Deze “slogans”
zijn allemaal OPROEPEN TOT AANBIDDING. Als je niet “mee zingt” dan weiger je om
de ZELFDE god te prijzen als degene die je beproeft met de “slogan”.
Een mens die je groet met “PRIJS DE HEER” vraagt in
feite of je DE ZELFDE GOD aanbidt als hij doet. Als je niet “mee zingt”, dan
ONTKEN je ZIJN GOD, of zijn VERSIE van het Christendom.
Als je het WACHTWOORD prompt zegt, dan erken je dat jij en hij DE ZELFDE GOD
hebben en DE ZELFDE RELIGIE en daarom ben je “broeders”.
JEZUS
ZEI:
Matt.
11:16-17 Doch waarbij zal Ik dit
geslacht vergelijken? Het is gelijk aan de kinderkens,
die op de markten zitten, en hun gezellen toeroepen.
17 En zeggen: Wij hebben u op de fluit
gespeeld, en gij hebt niet gedanst; wij
hebben u klaagliederen gezongen, en gij hebt niet geweend.
Nu kan er geen twijfel over bestaan dat de Joden van het Oude
Palestina beweerden de God van De Bijbel te aanbidden. En er kan geen
twijfel over bestaan dat ze hun “slogans” direct uit
het Oude Testament haalden. MAAR uiteindelijk, ondanks hun “officiële slogans” en hun bewering één vader, namelijk God
(Joh. 8:41) te hebben, zei Jezus tegen hen Gij zijt
uit uw vader, de Duivel (Joh. 8:44). Ze waren hier ontzettend door beledigd
en zij namen dan stenen op, dat zij ze op Hem wierpen (Joh. 8:59). JEZUS
WILDE NIET DANSEN, toen zij op de fluit speelden.
En EVENMIN DOE IK DAT. Veel mensen
hebben zich de afgelopen jaren door mij beledigd gevoeld, omdat ik niet
ONMIDDELLIJK “mee zong” met hen. Zij willen handen schudden
en daarmee aangeven dat we het EENS zijn over iets wat we niet eens besproken
hebben. Ze willen dat ik hen “ook omhels” om te bewijzen dat ik erken
dat we Echte Broeders zijn, voordat we elkaar zelfs maar kennen. Ze groeten me
met “Prijs de Heer” en zijn geschokt wanneer ik me niet “bij het koor voeg” en
onmiddellijk met ze mee zing. Het is niet mijn bedoeling te beledigen, maar ik
moet me er van verzekeren dat we het echt over DE ZELFDE GOD hebben voordat ik
enige vorm van aanbidding doe. Jezus zei: Den Heere, UW God, zult gij aanbidden, en Hem ALLEEN dienen (Matt. 4:10).
Ik heb het RECHT, en, meer dan dat, de VERPLICHTING om te bepalen of de “Heer”
die ik opgeroepen wordt te “prijzen” ook waarlijk de HEER is, die ik
persoonlijk aanbid. De naam van de God van Babylon was BAAL. BAAL is een van de
Hebreeuwse woorden voor HEER. De God van Babylon werd
“DE HEER” genoemd. Wanneer iemand “prijs de heer” tegen me zegt, wil ik eerst
weten over welke “HEER” hij het heeft, VOORDAT ik “mee zing”. Alleen omdat
iemand bekende uitspraken gebruikt, betekent nog niet dat we waarlijk dezelfde
religie hebben. Zelfs als iemand zegt “JEZUS IS HEER”
zal ik nog steeds niet dansen totdat ik meer weet van deze “Jezus”: de
Bijbel zegt dat er zoiets is als een andere Jezus (2 Cor.
11:4). Je kunt het woord “medicijn” op een fles vergif schrijven en het blijft
vergif.
“Buigen Of Branden”
Nebukadnezars
Fluiten zijn die “oproepen tot aanbidding”, die voortdurend naar boven borrelen
bij het Afvallige Christendom. IEDERE KEER WANNEER JE
DE MUZIEK HOORT moet je “mee zingen” of ze waarschuwen je dat je zult eindigen
in de vurige oven van de HEL. Ze zeggen “Prijs de Heer” en van ieder van
ons wordt verwacht prompt te buigen voor HUN “heer”.
Als je weigert om neer te vallen en te aanbidden als zij hun “hymnen
zingen” beschuldigen zij je van het beledigen van God.
Als je niet wil omhelzen of handen schudden dan beschuldigen zij je van gebrek
aan liefde of trots of scheuringmakerij. Als je een Echte Gelovige bent, een
WEDERGEBOREN Kind van God dan WEET JE dat er IETS MIS is met al deze “oproepen
tot aanbidding”. Dat iets is dit: Hun religie is de religie van het Verborgen
Babylon en hun “heer” is de God van Babylon. Jezus
wilde niet dansen. Ik ga niet dansen. En JIJ hoeft ook niet te dansen.
Jer.
15:1-2, 19 Maar de HEERE zeide tot mij: Al stond Mozes en Samuel voor Mijn aangezicht, zo zou toch Mijn ziel tot dit volk niet
wezen; drijf ze weg van Mijn aangezicht, en laat ze uitgaan.
2 En het zal geschieden, wanneer zij
tot u zullen zeggen: Waarhenen zullen wij uitgaan? dat
gij tot hen zult zeggen: Zo zegt de HEERE: Wie ten
dood, ten dode; en wie tot het zwaard, ten zwaarde,
en wie tot den honger, ten honger; en wie ter gevangenis, ter gevangenis!
19 Daarom zegt de HEERE alzo: Zo gij
zult wederkeren, zo zal Ik u doen wederkeren; gij zult voor Mijn aangezicht
staan; en zo gij het kostelijke van het snode uittrekt, zult gij als Mijn mond
zijn; laat hen tot u wederkeren, maar gij zult tot hen niet wederkeren.